Bert en Truus Jansen #63

'Ik zat nog eens na te denken, Truus, maar die Alpen zijn toch wel verrekes hoog hoor.'
'Ja, mooi hè. Er kan zelfs sneeuw liggen. Ook in de zomer.'
'Ik bedoel dat onze auto er vast een flinke klus aan heeft. Zeker met de caraven erachter.'
'Hoe bedoel je een "flinke klus"?'
'Nou ja, lijkt me logisch toch? Er-over-heen betekent dat je toch eerst naar boven moet om aan de andere kant weer naar beneden te kunnnen.'
'Schat, je kunt er onderdoor. Ze hebben niet voor niks tunnels gegraven.'
'Wie, ik? Er onderdoor? Met mijn claustrofobie? Wat dacht je zelf!'

'O God, we hebben toch weer wat gevonden. Het carpaal tunnelsyndroom .'
'Carpaal tunnelsyndroom? Wat bedoel je dáár nou weer mee?'
'Iets met zenuwen en een tunnel. Heeft mijn nichtje ook!', riep ze.
'Jouw nichtje heeft wel meer.'
'Bert, kom op man, zo'n tunneltje. Mietje! Je laat je toch niet door zo'n tunneltje kennen?'
'Tunneltje? Volgens de ANWB is hij achttien kilometer lang. Hoezo tunneltje?'
'Ach ja, hij heeft maar twee rijbanen, dus zo groot is hij helemaal niet.'

'Truus, ik ga niet door een tunnel. Klaar.'
'Dus je wilt er persé overheen?', vroeg ze.
'Ja, het is niet anders, toch? Jij moet naar je nostalgisch momentje in Locarno. Dus ik heb weinig andere keus.'

'Nou ja, dan zie ik alweer een volgend probleem opdoemen.'
'Je bedoelt de auto? Dat hij het niet trekt?'
'Nee, je hoogtevrees. Zelfs van een stoeprand raak je al in paniek.'
'Ja, inderdaad, hoogtevrees. Daar had ik helemaal niet aan gedacht.'
'Pffft, ook deze vakantie dreigt weer in duigen te vallen', zuchtte ze.

'Tja, daar kan ik niks aan doen schat. Zwitserland is voor ons gewoon te hoog gegrepen.' 

Bart